Repressie xc3xa9n preventie voor Marokkaans-Nederlandse jongeren

Marokkaans-Nederlandse jongens kampen relatief veel met taalachterstanden, schooluitval, werkloosheid en criminaliteit. Dit vraagt om maatregelen, zo stelden de ministeries van VROM/WWI, Justitie, BZK en Jeugd & Gezin recentelijk in een brief aan de Tweede Kamer. Om hierover verder te praten, kwamen professionals van verschillende disciplines op donderdag 19 februari samen in Ede op de conferentie "Grenzen stellen en perspectief bieden".

Lokale en integrale aanpak
In de brief, die op vrijdag 30 januari naar de Kamer ging, pleitten de 4 ministers voor een integrale aanpak op lokaal niveau. Dat kan bijvoorbeeld door een benadering op gezinsniveau in plaats van per individu. Bij elk gezin bekijken de betrokken professionals dan naar de kansen en de problemen die er liggen. Samen met de gezinsleden zoeken ze naar oplossingen. Uitgangspunt daarbij is om zo min mogelijk professionals bij xc3xa9xc3xa9n gezin te betrekken. Tijdens zijn openingsspeech gaf de burgemeester van Ede, Cees van der Knaap, aan dat hij zich grotendeels in de brief kon vinden. Wel plaatste hij een kanttekening bij de financiering van de plannen en benadrukte hij dat het belangrijk is om het onderwijs te betrekken in de aanpak.

Van Halder: samenwerking cruciaal
Directeur-generaal van WWI, Leon van Halder, noemde het belang van samenwerking in zijn toespraak. Alle betrokkenen moeten weten welke instrumenten er zijn om voor Marokkaans-Nederlandse probleemjongeren grenzen te stellen. Bijvoorbeeld de plicht voor jongeren tot 28 jaar om te leren of te werken. Tegelijkertijd verdient de doelgroep betere perspectieven. Ouders spelen daarin een belangrijke rol: in de opvoeding en het leren van de taal. Van Halder noemde ook de praktijkteams, die gemeenten gaan ondersteunen om problemen met Marokkaans-Nederlandse jongeren effectief aan te pakken. Zo wordt duidelijk welke middelen gemeenten kunnen inzetten.

Workshoprondes zorgen voor kennisuitwisseling
In 12 workshops kwamen er succesvolle projecten aan de orde en was er ruimte voor discussie. Een van de onderwerpen was een methodiek van Stichting Interculturele Participatie & Integratie die Marokkaanse jongens helpt een eigen identiteit te ontwikkelen. Maar ook de inzet van casemanagers in Ede en de invloed van straatcoaches en ouderbetrokkenheid kwamen aan bod. Tijdens de plenaire terugkoppeling over de workshops concludeerde dagvoorzitter Pieter Hilhorst samen met de zaal dat je soms ook moet toegeven dat je aanpak niet lukt. Hulpverleners moeten dat durven erkennen en roeien met de riemen die ze hebben.

Paneldiscussie over beste aanpak
Tijdens een afsluitende paneldiscussie wisselden Cees van der Knaap, Marion Suijker (wethouder in Gouda), Mohamed Rabbae (voorzitter Landelijk Beraad Marokkanen) en Latifa Brahmi (bestuurslid Samenwerkingsverband Marokkanen in Nederland) met elkaar en met de zaal van gedachten. Welke aanpak werkt? Welke niet? Suijker gaf aan dat het terugdringen van jeugdcriminaliteit niet alles is. Er moet ook aandacht zijn voor kinderen die op straat overlast veroorzaken, maar geen strafbare feiten plegen. Cees van der Knaap benadrukte de effectiviteit van het samenscholingsverbod in de wijk Veldhuizen. Tot slot vroeg Hilhorst de zaal om de situatie over 5 jaar in te schatten. Een meerderheid dacht dat de problemen dan zijn toegenomen.

Meer weten?
Kijk voor een uitgebreid verslag op http://www.conferentie-mnjongeren.nl.

(Bericht ingezonden per mail; bron onbekend)

Zie meer in Dossier allochtonen, criminaliteit en cultuur

About Ewoud Butter

Schrijver, onderzoeker
This entry was posted in jeugdcriminaliteit. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s